Vakbegrippen. Verwarmingstechiek
eenvoudig uitgelegd.

Alles over verwarming. Van A tot Z

Als we het over verwarming hebben, zijn er enkele technische termen die moeten worden uitgelegd. Alle belangrijke termen vindt u hier. Alfabetisch gerangschikt.

Circulatiepompen

Elektronische pompen die het stookwater naar radiatoren of de vloerverwarming sturen. Elektronische circulatiepompen  zijn nu de norm.

CO

Giftig gas dat bij de verbranding van koolstofhoudende stoffen ontstaat. Door een correcte branderinstelling wordt de uitstoot nagenoeg verhinderd.

CO2

Gas dat bij de verbranding van koolstofhoudende stoffen ontstaat. Door de toename van koolstofdioxiden in de atmosfeer van de aarde ontstaan klimatologische veranderingen. De stijgende temperatuur van de aarde wordt ook het broeikaseffect  genoemd. Door een verminderd brandstofverbruik kan kooldioxide beperkt worden.

Compressor

De compressor  in een warmtepomp zet het koelmiddel  onder druk. Zo wordt het temperatuurniveau dat voor verwarmingsdoeleinden nodig is bereikt.

Condensatieketel

Condensatieketels vertegenwoordigen het hoogtepunt van de verwarmingstechnologie voor particuliere huishoudens - met een hoge energie-efficiëntie en lage emissies  van schadelijke stoffen  zijn ze zuinig en milieubewust. Condensatieketels regelen hun warmte in functie van de warmtevraag via de buitentemperatuur en gebruiken bovendien de latente warmte in de rookgassen die bij andere systemen door de schoorsteen verloren gaat. Het condenswater  dat tijdens het condensatieproces gevormd wordt, komt in de ketel  terecht. De ingebouwde warmtewisselaar  is daarom uit corrosiebestendig materiaal vervaardigd, om het condenswater  af te voeren wordt het toestel verbonden met de waterafvoerleiding. De efficiëntie van dergelijke condensatieketels heeft praktisch het theoretische maximum bereikt - de brandstof wordt optimaal benut.

Condensatiewarmte

Bijkomende warmte uit de rookgassen. Door afkoeling van de rookgassen ontstaat condensatie, waardoor bijkomende energie vrijkomt. Bij aardgas is het bijkomend potentieel – met betrekking tot de onderste stookwaarde – ongeveer 11 procent, bij vloeibaar gas ongeveer 9 en bij stookolie 7 procent.

Condensor

De condensor  is een warmtewisselaar  binnenin de warmtepomp. Hij condenseert het koelmiddel  door afgifte van energie in een verwarmingssysteem.

Condenswater

Als de rookgassen onder een bepaalde temperatuurdrempel afkoelen, wordt de daarin vervatte damp condenswater . De energie die bij deze omzetting ontstaat – de condensatiewarmte  – kan gebruikt worden.

Convectie

Transport van energie door een bewegend medium (lucht, water, verbrandingsgassen ). Dit begrip wordt zeer vaak gebruikt in verband met radiatoren. De ruimtelucht beweegt langs oppervlakken van de radiatoren. Door deze beweging wordt warmte-energie overgedragen.

Up